Nieuwsarchief

Bilisium is sinds geruime tijd op zoek naar sporen van het oude Bargoens in ons dialect. Bargoens wordt doorgaans beschreven als een dieventaal, maar dat is slechts gedeeltelijk waar. In veruit de meeste gevallen ging het eerder om een soort geheimtaal van marskramers en verkopers.

In Bilzen werd deze taal eind negentiende eeuw al gesignaleerd, en dus wilde Bilisium wel eens weten of hier nog sporen van terug te vinden waren in het hedendaagse taalgebruik. Die pogingen waren aanvankelijk weinig succesvol, maar ze trokken wel de aandacht van wetenschappelijke onderzoekers. En dan dienden zich uit onverwachte hoek plots zegslieden uit Bilzen aan die zich het Bargoens uit hun jeugd nog herinnerden. Sommigen spraken het zelfs nog, zij het enkel in de huiselijke kring. Helemaal geen dieventaaltje, dus!

Had u al van “priëmele” gehoord, of “groemmekes” die “laajme gon”? Een “bènk” met een “kwante sjapperik” die “noeppes stik” en bovendien behoorlijk “baajzemênt” is?

ne loense bènk (tek. Joren Peters)

ne loense bènk 
(tekening: Joren Peters)

De vele nieuwe dialectwoorden die op deze manier konden worden gesprokkeld, werden enkele jaren geleden gepubliceerd in ons tijdschrift. Zij boden de wetenschap na meer dan honderd jaar eindelijk de kans om het Bilzers Bargoens te situeren in het groter geheel van Limburgse geheimtalen.

Een autoriteit in deze materie is Paul Van Hauwermeiren. Hij werd bereid gevonden om ons inzicht te komen verschaffen in de herkomst en de evolutie van het Bargoens in onze streken.
Wij kunnen ons niet voorstellen dat er één Bilzenaar is die dit wil missen!

Dinsdag 13 maart om 20 u. in ons auditorium. Meer

 Wilt u op de hoogte gehouden worden van de lezingen in ons Auditorium
- en de eventueel daaraan verbonden uitstap?

 Stuur ons dan gewoon een mailtje (info@bilisium.be)
en u hoeft niets te missen!